Van arbeidsongeschikt naar werkvermogen:de arbeidsdeskundige

Van arbeidsongeschikt naar werkvermogen: de arbeidsdeskundige

Werken naar vermogen. Zolang we gezond en fit zijn, stellen we onszelf daar weinig vragen over. Hoe anders is het als we ziek worden of te maken krijgen met een ongeval of arbeidshandicap. Wat is dán ons (resterende) arbeidsvermogen? En wie bepaalt dat?

De balans hervinden tussen belastbaarheid en arbeidsbelasting is geen eenvoudige opgave. Hoe zwaar is het huidige werk eigenlijk precies? Wat kan iemand (nog) aan? Welke beperkingen zijn er? Kunnen bestaande taken en functies (tijdelijk) worden aangepast aan iemands verminderde arbeidsvermogen? En heeft dit gevolgen voor contract of uitkering? Voor antwoorden op al deze vragen is er de arbeidsdeskundige.

Het arbeidsdeskundig beroep

Arbeidsdeskundigen zijn specialist op het gebied van mens, werk en inkomen. Zij beschikken over kennis van en inzicht in beroepen, beperkingen en belemmerende factoren. Bovendien weten ze precies wat er in welke functie van mensen wordt verwacht en wat een (tijdelijk) verminderd arbeidsvermogen voor gevolgen heeft voor salaris of uitkering. Ze kennen ook de voorwaarden voor re-integratie. Arbeidsdeskundigen kunnen daardoor voor elk individu de onbalans tussen mens, werk en inkomen beoordelen, herstellen én voorkomen. Anders gezegd: de arbeidsdeskundige zet arbeidsongeschiktheid om in werkvermogen.

De arbeidsdeskundige, actief bij bedrijf én UWV

De arbeidsdeskundige is niet alleen actief binnen bedrijven. Het UWV heeft haar eigen arbeidsdeskundigen. Zij bekijken of iemand met een handicap of langdurige ziekte wellicht toch kan werken, gedeeltelijk of in een andere, lichtere functie, en helpen bij het zoeken naar nieuw, passend werk.

Zes misverstanden bij werknemers

Bij werknemers bestaan veel misverstanden over de rol van de arbeidsdeskundige. Hieronder zes hardnekkige:

  1. “De arbeidsdeskundige kijkt hoe ziek ik ben en bepaalt dan voor hoeveel procent ik arbeidsongeschikt ben.”

Onjuist. De arbeidsdeskundige bekijkt of je nog kunt werken, dus of je nog werkvermogen óver hebt. Verder vergelijkt de arbeidsdeskundige bij de aanvraag van je uitkering je inkomsten vóór je arbeidsongeschiktheid met de inkomsten uit het werk dat je nog zou kunnen doen. Het verschil tussen deze twee bedragen bepaalt je arbeidsongeschiktheidspercentage. En dat percentage is de basis voor een eventuele uitkering.

  1. “De arbeidsdeskundige lost al mijn problemen op.”

Ziek worden heeft veel gevolgen. Primair voor je gezondheid, maar ook voor je werk – en dus voor je inkomen. De arbeidsdeskundige richt zich uitsluitend op het deel werk en inkomen. Alle overige problemen kan hij – helaas – niet voor je oplossen.

  1. “De arbeidsdeskundige wil al mijn medische gegevens weten.”

Klopt niet. De medische beoordeling wordt gedaan door de verzekeringsarts. Die beschikt over je medische achtergrond, gegevens en de staat van je gezondheid – én heeft medisch beroepsgeheim. De arbeidsdeskundige is geen arts en mag niets weten van je medische gegevens.

  1. “De arbeidsdeskundige doet testjes met mij om te kijken wat ik nog kan doen.”

Onjuist. Alleen de verzekeringsarts mag lichamelijk onderzoek doen om je gezondheid en belastbaarheid te beoordelen. De arbeidsdeskundige gebruikt die medische beoordeling om te bepalen of je nog arbeidsvermogen hebt.

  1. “De arbeidsdeskundige kan oordeel van de verzekeringsarts beïnvloeden.”

Nee, dat kan niet. Alleen als er nieuwe medische informatie is, kan de arbeidsdeskundige aan de verzekeringsarts vragen of hij het oordeel wil heroverwegen. Lukt dat niet en ben je het niet eens met het oordeel van de verzekeringsarts, dan kun je een bezwaarprocedure starten.

  1. “De arbeidsdeskundige wil alleen maar dat je weer aan het werk gaat.”

Onjuist. Natuurlijk, passend werk vinden is wél altijd het uitgangspunt. Maar soms is werken echt onmogelijk. Er zijn dan, zoals het UWV dat noemt, ‘geen benutbare arbeidsmogelijkheden’. Bijvoorbeeld als de beperkingen zodanig zijn dat zelfs het lichtste werk onmogelijk is geworden of bij langdurige opname in een psychiatrische inrichting. De arbeidsdeskundige zal in dergelijke gevallen nooit aandringen op hervatten van werk.

 

 

 

Meer weten of advies?

Telefoon 020 246 04 04

stuur ons een mail

Nieuwsbrief

Schrijf u in voor onze nieuwsbrief en ontvang nieuws en achter­grond­artikelen over ontwik­kelin­gen op het gebied van arbeid, verzuim­pr­e­ventie en re-integratie.