Hoe je je medewerker weghoudt bij de huisarts

Hoe je je medewerker weghoudt bij de huisarts

dietiste

Je zou haast gaan denken dat er nog maar één ziekte bestaat die ons dwingt naar de huisarts te gaan nu ons leven bepaald wordt door de zorgen om het coronavirus. Maar zo is het natuurlijk niet, want wanneer je een chronische aandoening hebt dan is frequent doktersbezoek een vast onderdeel van je leven. Iemand met een chronische afwijking krijgt gemiddeld zo’n vier keer per jaar een oproep om bij de huisarts langs te gaan. En als er sprake is van complexe complicaties dan wordt dit aantal nog verder overschreden in verband met specialistische hulp. Dikwijls gebeurt dit op verzoek van de patiënt die de oplossing buiten zichzelf blijft zoeken. En zo kan je in het ziekenhuis terechtkomen. Vaak betekent dit een pil erbij, of een opschaling naar de kostenverhogende 2e lijn, plus regelmatig ziekteverzuim. Steeds jongere mensen met klachten die de gang naar de huisarts maken, kan dit niet anders?

Ja dat kan. Een chronische aandoening vergt aanhoudende zorg en aandacht. Huisartsen organiseren en monitoren in toenemende mate de zorg rond chronische aandoeningen, de ketenzorg. De huisarts nodigt de medewerker uit een aantal vragen te beantwoorden, zodat de ketenzorg rond zijn/haar ziekte opgestart kan worden.

Via de ketenzorg komt de patiënt elk jaar eenmaal (meestal rond zijn/haar verjaardag) bij de huisarts voor wat men noemt ‘een grote beurt’. De (geprotocolleerde) medicinale en verpleegkundige hulp wordt in handen gegeven van de praktijkondersteuner die het proces coördineert. Belangrijke vraag die op zeker moment gesteld wordt is: “Wil je zelf aan de slag met je gezondheid?” Ofwel is de medewerker zich bewust van de link tussen zijn klachten en zijn gedrag?

Als diëtist ben ik, als deskundige op het gebied van voeding, ook een schakel in de ketenzorg. Veel chronische aandoeningen worden namelijk veroorzaakt door de leefstijl van de medewerker. Van diabetes mellitus type 2 en hoge bloeddruk tot hart- en vaatziekten en van longaandoeningen als COPD tot maag- en darmproblemen. Het eten en drinken thuis en op het werk zijn zo vanzelfsprekend, omdat het geautomatiseerd gewoontegedrag is, verbonden met de sociale en fysieke omgeving…

Wanneer men klachten krijgt gaat men op zoek naar een ‘wonderingrediënt’. De een na de andere ‘magic bullet’ wordt ingezet, zoals vitamines, mineralen en dergelijke. Vaak komen mensen bij mij met een verzameling supplementen en andere zelfzorgmiddelen, waarvan de werking en de uitkomst dubieus mag heten.

Ook komt het voor dat de therapietrouw van medicijnen laag is. Of dat de pillen van de dokter niet  bevallen vanwege hinderlijke bijwerkingen.  Soms kiezen mensen halsoverkop voor een nieuw modedieet, dat voor een tijdje een pleister op de wonde lijkt te zijn. Spijtig genoeg sluiten deze diëten zelden aan bij de chronische aandoening. Het kan zelfs voorkomen dat ze een averechtse werking hebben en de kwaal alleen maar verergeren. Op deze manier lijkt iedereen een ervaringsdeskundige met betrekking tot zijn of haar eigen lichaam en voeding. Toch lopen veel mensen rond met voedingsvragen die zij vervolgens met behulp van internet beantwoorden. Zonder dat zij weten of dat antwoord wel betrouwbaar is, want zo’n influencer, weet die echt wel waar het over gaat?

Als diëtist ben ik graag een zichtbaar en laagdrempelig aanspreekpunt voor uw medewerker. Ik zet mijn deskundigheid graag in om samen door de bomen het bos weer te zien.

Leefstijlgeneeskunde op de werkvloer is kansrijk wanneer wij als zorgprofessionals samenwerken met alle betrokkenen in de werkcontext. Want voeding is één, maar ook je mentale en emotionele toestand en omgeving zijn van invloed op hoe goed je voor jezelf zorgt.

Willen we medewerkers jong en oud helpen het werkritme goed en met plezier vol te houden, dan is werken aan vitaliteit veelbelovend.